,

Het contrast is groot in Friese waterpoloderby

Heerenveen | Het zijn twee ploegen die in dezelfde klasse uitkomen, maar een compleet tegengesteld sei­zoen beleven. De waterpolodames van SGHA uit Heerenveen zijn koplo­per in de tweede klasse C en lijken op de weg naar de titel. Terwijl het vrou­wenteam van Middelsé-Skelp (Stiens en Sint Annaparochie) nog geen en­kel puntje heeft weten te behalen en degradatie niet kan ontlopen. Zater­dag stonden beide Friese ploegen te­genover elkaar en de einduitslag deed eigenlijk niemand verbazen: het werd 19-2 voor SGHA.

Met nog twee duels te spelen en een voorsprong van zeven punten op naaste achtervolger EZC1 (heeft wel een duel minder gespeeld dan SGHA) lijkt het kampioenschap wel erg dichtbij. „De bloemen worden echter pas uitgereikt bij de finish”, blijft trainer/coach Chris Visser voorzich­tig. „Het ziet er allemaal wel goed uit voor ons, maar we zijn er nog niet. Over twee weken spelen we nog te­gen VZ&PC en dat is een geduchte te­genstander voor ons. Maar in princi­pe kunnen we het daar beslissen.”

SGHA degradeerde vorig seizoen op doelsaldo uit de eerste klasse, maar was volgens Visser niet direct de topfavoriet voor de titel op een ni­veau lager. „Er zijn best veel ervaren dames vertrokken na afloop van het vorige seizoen en daarvoor in de plaats zijn veel jonge speelsters terug gekomen. Voor mij was het daarom lastig om in te schatten wat voor sei­zoen wij tegemoet zouden gaan. We wilden graag in de top vijf eindigen en binnen drie tot vijf jaar terugke­ren naar de eerste klasse. Dat lijkt er nu dus al van te gaan komen.”

De dames van Middelsé-Skelp ma­ken dit seizoen hun debuut in de lan­delijke tweede klasse, maar het ni­veau is voor de ploeg simpelweg te hoog gegrepen. De nederlaag tegen SGHA komt dan ook niet als een ver­rassing. „Zij zijn een maatje te groot voor ons. Zo eerlijk moet je gewoon zijn”, zegt speelster Geertje Nauta.

„Maar dat betekent niet datje er hal­verwege de wedstrijd met de pet naar kunt gooien. Ook al sta je met tien punten achter, je moet erin blijven geloven. Dat proberen wij altijd, maar ik moet toegeven: dat is soms best lastig.”

Na achttien wedstrijden staat Mid­delsé-Skelp nog met compleet lege handen, maar volgens de 25-jarige Nauta blijft haar team gemotiveerd tot het einde. „Je probeert van zo’n seizoen zoveel mogelijk te leren en gaat iedere wedstrijd in met de ge­dachte om te winnen. Maar nu het einde van het seizoen nadert, is ieder­een er wel een beetje klaar mee. Je wilt ook eens een wedstrijd winnen. Daarom ligt bij ons niemand echt wakker van degraderen.”

Vruchten plukken

Een terugkeer in de eerste klasse wordt door een ieder bij SGHA toege­juicht, maar de ambities in Heeren­veen reiken verder. Ooit hoopt de ploeg de stap naar de eredivisie te kunnen maken. „Dat zou geweldig zijn voor het waterpolo in het Noor­den”, zegt coach Visser. „Maar het is lastig om dat te bereiken. Met promo­tie naar de eerste klasse doen we in ieder geval een stap in de goede rich­ting. Het wordt een uitdaging om ac­tief te blijven op dat niveau, maar voor de jongere speelsters een gewel­dige kans om ervaring op te doen. Daar hopen we op de langere termijn de vruchten van te kunnen plukken.” De dames van Middelsé-Skelp ho­pen de tweede klasse met in ieder ge­val een puntje te verlaten. „Dat zou al mooi zijn”, is Nauta realistisch. „Als het niet lukt, is dat jammer. Maar dan gaan we gewoon op naar volgend sei­zoen. Dan zullen we vast meer duels winnen dan nu. Het verschil tussen de districtscompetitie en de tweede klasse is te groot. Voor ons was het mooier geweest als er nog een niveau tussen zat. Maar wij hebben een hecht team met een vaste kern die al tien jaar samenspeelt. Van zo’n sei­zoen raken wij het plezier in de sport echt niet kwijt.”

Friesch Dagblad | 26-3-2018 | Mark Vellinga